top of page
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Instagram
  • YouTube
Search

DUS ZIE JE, ECHT WEG BEN IK NIET

koenmijnheer8
Sep 5
3 min read

Een appje op een avond. Gisteren is ze overleden. Acht dagen na haar ‘’prematie’’, een uitvaartceremonie bij leven. Dik een week geleden was ze er getuige van dat ruim honderd mensen afscheid van haar kwamen nemen.


Haar koor zong twee liederen – of liever drie ‘’want ik vind het zó mooi, willen jullie die nog een keer zingen?’’ Zo klinkt ‘’You raise me up’’ twee keer achter elkaar. ‘’Geloof in God heb ik nog wel, maar niet praktiserend,’’ spreekt ze de aanwezigen zelf toe.


Nu is ze er niet meer. Hoewel, zélf had ze het idee dat er nog wel iets was na de dood. Maar hoe of wat? ‘’Onbekend,’’ zei ze. Haar eigen prematie is het anker waar ze zich in de laatste fase aan vasthoudt. ‘’Als ik het nog maar haal,’’ zei ze in de aanloop.


Dik tweeënhalve maand na de diagnose kanker met uitgezaaide tumoren in haar buik, beëindigt ze het leven. ‘’We komen elkaar nog een keer, hoe dan ook tegen, dan zullen we elkaar vast herkennen en begroeten en misschien voel je mijn spirit dan af en toe,’’ verteltze in haar toespraak.


Een paar weken eerder heb ik haar voor het eerst aan de telefoon, via-via zoals dat gaat. Of ik haar prematie wil samenstellen en leiden. In alle oprechtheid, zeg ik dat ik dat nog nooit gedaan heb, maar ‘’dat ik denk dat ik het wel kan’’ (vrij naar Pippi Langkous en we kunnen er samen om lachen).


Op een bloedhete zondagmorgen rijdt ik voor het eerst naar het huis van haar en haar partner in de Zak van Zuid-Beveland. Ergens in ‘’the middle of nowhere’’). Er is koffie met gebak. Zelf houdt ze het na een paar hapjes voor gezien.


Wat volgt is een intensief, soms wat chaotisch gesprek over haar leven. Haar man heeft beginnende Alzheimer. ‘’Dat is wel een probleem als ik er niet meer ben,’’ constateert ze. Zijn dochter zal zich over hem ontfermen. Het is voor beiden niet de eerste relatie. Een mooi stel is het. Zij, impulsief en onstuimig; hij meer bedachtzaam en rationeel.


Er volgt een week later nog een tweede gesprek. Ik wil meer van hém weten, omdat straks alle aandacht naar haar gaat en om te voorkomen dat er een onbalans in de ceremonie ontstaat. Er is emotie over het naderende einde.


In de periode erna componeer/redigeer ik de afscheidsceremonie. Contact met de sprekers. Ik vraag om alle teksten, zodat ik een boekje kan samenstellen voor haar. Om het thuis nog eens rustig terug te lezen.


Op de dag zelf improviseren we een koninklijke entree voor haar en haar man. Een gemakkelijke zitplaats voor hen beiden bij het spreekgestoelte met oog op het scherm waarop foto’s uit het voorbije leven te zien zijn.


Ik schets het leven, zoals dat de laatste weken is. Hoe minder toekomst iemand heeft, hoe belangrijker het hier en nu wordt. Gewone dingen: een kopje koffie samen, genieten van de tuin (‘’gelukkig zit het weer mee’’ ), een boek, zomaar wat zitten.


In toespraken gaat het over haar tijd bij de padvinders, de lagere school, pianolessen, verhuizingen… Iedereen gaat haar missen. Na afloop, tijdens de borrel, vertrekt ze met – voor haar doen – stille trom. De vermoeidheid slaat in als een bom.


Die avond stuurt ze me een appje: ‘’Wat heb je het geweldig gedaan! Dankjewel. Ik ben ontzettend blij met al je woorden. Ik bel je morgen en een dikke kus erbij💋’’. Daags erna weer een appje: ‘’Stuur je me je bankrekening? Dan kan ik je betalen.’’


Zaken afhandelen voordat het te laat is. Nu zijn we een week verder. Ze heeft het aardse bestaan achter zich gelaten. Tijdens de ceremonie citeer ik uit een gedicht van Mary Elizabeth Frye (‘’Do not stand at my grave and weep’’):


𝘒𝘪𝘫𝘬 𝘯𝘢𝘢𝘳 𝘥𝘦 𝘷𝘭𝘪𝘯𝘥𝘦𝘳𝘴 𝘦𝘯 𝘥𝘦 𝘣𝘭𝘰𝘦𝘮𝘦𝘯,

𝘬𝘪𝘫𝘬 𝘯𝘢𝘢𝘳 𝘥𝘦 𝘷𝘰𝘨𝘦𝘭𝘴 𝘰𝘱 𝘩𝘶𝘯 𝘷𝘭𝘶𝘤𝘩𝘵.

𝘞𝘢𝘯𝘵 𝘢𝘭 𝘥𝘪𝘦 𝘥𝘪𝘯𝘨𝘦𝘯, 𝘫𝘢 𝘥𝘢𝘵 𝘣𝘦𝘯 𝘪𝘬,

𝘴𝘪𝘯𝘥𝘴 𝘪𝘬 𝘮𝘪𝘫𝘯 𝘭𝘪𝘤𝘩𝘢𝘢𝘮 𝘢𝘤𝘩𝘵𝘦𝘳𝘭𝘪𝘦𝘵.

𝘈𝘭 𝘥𝘪𝘦 𝘥𝘪𝘯𝘨𝘦𝘯 𝘻𝘪𝘫𝘯 𝘮𝘪𝘫𝘯 𝘭𝘦𝘷𝘦𝘯.

𝘋𝘶𝘴 𝘻𝘪𝘦 𝘫𝘦, 𝘦𝘤𝘩𝘵 𝘸𝘦𝘨 𝘣𝘦𝘯 𝘪𝘬 𝘯𝘪𝘦𝘵.

 


 
 
 

Comments


bottom of page